Na het jaar 400
Laten wij Christus liefhebben, want Hij is beminnenswaard. "Smaakt en ziet dat de Heer goed is." Zeker, Hij dient gevreesd te worden maar toch meer bemind. Hij is God en mens; God en mens: één Christus. Hoe zou God nu niet medelijdend zijn met ons, ter wille van wie God is mens geworden? Veel is het wat Hij heeft gedaan: ja, wonderlijker is wat Hij heeft gedaan dan wat Hij heeft beloofd. Wij moeten dan ook geloven wat Hij heeft beloofd, om datgene wat Hij heeft gedaan. Wij zouden moeite hebben te geloven wat Hij heeft gedaan, als wij het ook niet zouden zien. Waar zien wij dat? In de volken die gelovig zijn geworden, in de menigte die naar Hem is toegeleid. Want zo is de belofte aan Abraham in vervulling gegaan: afgaand op wat wij zien, geloven wij wat wij niet zien. Abraham was alleen en toch werd hem toegezegd: "In u zullen alle geslachten gezegend worden". Als hij nu eens alleen op zichzelf acht had geslagen, zou hij dan hebben geloofd? Hij was alleen en al op jaren, en zijn vrouw was onvruchtbaar. Toch hield Abraham Gods belofte in het oog en geloofde hij wat hij niet zag. Wat hij heeft geloofd, kunnen wij nu zien. Wat wij dus zien, moet een aansporing zijn om te geloven wat wij niet zien. Abraham was de vader van Isaak: dat hebben wij niet gezien; Isaak was de vader van Jakob, en ook dat hebben wij niet gezien; Jakob was de vader van twaalf zonen, en ook die hebben wij niet gezien; zijn twaalf zonen waren de vaders van het volk Israël; en dat grote volk zien wij. Nu heb ik reeds een begin gemaakt met te vermelden wat wij zien. Uit het volk Israël is de maagd Maria geboren, de moeder van Christus; en in Christus worden alle volken gezegend. Wat is waarachtiger? Wat zekerder? Wat duidelijker? Verlangt daarom samen met mij naar de komende tijd, gij allen, die zijt samengebracht uit de heidenen. God heeft in deze tijd zijn belofte, aan Abraham gedaan over zijn nageslacht, in vervulling doen gaan. Hoe zal Hij dan zijn eeuwige beloften niet nakomen welke Hij heeft gedaan aan ons, die Hij tot nageslacht van Abraham heeft gemaakt? De apostel immers zegt het: "Als gij bij Christus hoort", het zijn de eigen woorden van de apostel, "dan zijt gij ook Abrahams nageslacht".