Home

11 augustus   Waarom bedroefd mijn ziel?




Carthago, "Basiliek Restituta" feest van de H. Laurentius, 10 aug. 401

Christus, onze Heer en Zaligmaker, Hoofd van de Kerk, geboren uit de Vader zonder moeder; Hij, de Heer en onze Zaligmaker Jezus Christus, heeft, wat Hemzelf betreft, eigenmachtig zijn leven afgelegd en het eigenmachtig teruggenomen. Het is niet om deze macht dat de Heer in eigenlijke zin kan zeggen: "Mijn ziel is diep ontroerd". Ons allen heeft Hij in zich uitgebeeld; ons zag Hij voor zich, ons had Hij op het oog, ons, vermoeide mensen, nam Hij op en omringde Hij met zorgen. Hij vreesde dat, als voor een lidmaat de laatste dag zou aanbreken, de dag dat zijn leven zou eindigen, dat lidmaat uit zwakheid in de war zou raken, zou wanhopen aan het heil en zou zeggen niet bij Christus te behoren, omdat het niet zó was voorbereid op de dood, dat geen enkele verwarring in hem op zou komen, dat zijn geest door geen enkele droefheid zou verduisterd worden. Omdat Christus zijn ledematen, die uit wanhoop gevaar zouden lopen als iemand bij het naderen van de dood in de war zou raken, op het oog had is het alsof Hij hen toespreekt: "Nu is mijn ziel diep ontroerd". Herkent u dus in Mij, om, als gij wellicht in de war raakt, niet te wanhopen: roept u dan uw Hoofd voor ogen en zegt tot uzelf: Toen de Heer zei: "Mijn ziel is diep ontroerd", toen waren wij in Hem aanwezig, toen werden wij daar beoogd. Wij raken dus in de war, maar gaan niet ten onder. "Waarom zijt gij bedroefd, mijn ziel, en waarom opstandig?" Wilt gij niet ophouden een ellendig leven te leiden? Het is des te ellendiger, naarmate ook het ellendige wordt bemind en gij niet wilt dat er een einde aan komt; minder ellendig zou het zijn, als het niet werd bemind. Hoe moet het gelukkige leven zijn, als het ellendige zó wordt bemind, enkel omdat het de naam van leven heeft? "Waarom zijt gij bedroefd, mijn ziel, en waarom opstandig?" Gij weet wat u te doen staat. Heeft het u aan moed ontbroken? "Vertrouw op de Heer". Zijt gij in de war geraakt? "Vertrouw op de Heer", die u vóór de grondlegging der wereld heeft uitgekozen, die u heeft voorbestemd, die u heeft geroepen, die u, zondaar, heeft gerechtvaardigd en aan u de eeuwige heerlijkheid heeft beloofd, die voor u een onverdiende dood heeft ondergaan, die voor u bloed heeft gestort, die u in zichzelf heeft uitgebeeld toen Hij zei: "Mijn ziel is dodelijk bedroefd". Hem behoort gij toe, en vreest gij dan? Zal de wereld dan in iets u schaden, voor wie Hij is gestorven, door wie de wereld is gemaakt? Hem behoort gij toe en vreest gij dan? Indien God vóór ons is wie zal dan tegen ons zijn? Hij heeft zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard; voor ons allen heeft Hij Hem overgeleverd; hoe zou Hij ons na zulk een gave ook niet al het andere schenken?" Weersta de hartstochten, stem niet in met wereldse liefde. Die liefde is uitdagend, vleiend en verleidelijk: geloof er niet in, houd u aan Christus.