Home

22 mei  Nieuwe liefde - Nieuw lied




Carthago, basilica maiorum, 17-24 mei 418

O mijn broeders, o mijn zonen, o kinderen van de "catholica", o heilige en hemelse telgen, o in Christus herborenen en stammend uit den hoge: luistert naar mij, ja, door toedoen van mij: "Zingt voor de Heer een nieuw lied". "Ik zing al" zegt gij mij. Ja, gij zingt, gij zingt duidelijk, dat hoor ik. Uw leven echter mag geen wanklank vormen met uw stem. Zingt met uw stem, zingt met uw hart, zingt met uw mond, zingt met uw gedrag. "Zingt voor de Heer een nieuw lied." Vraagt gij u af hoe gij Hém moet bezingen, die gij liefhebt? Zeker, gij wilt zingen over Hem, die gij liefhebt. Gij zoekt naar lofzangen om over Hem te zingen. Gij hebt het gehoord: "Zingt voor de Heer een nieuw lied". Zoekt gij nog naar lofzangen? "Zijn lof weerklinke temidden der vromen". De lof, gelegen in het zingen, is de zanger zelf. Wilt gij God lof zingen? Weest gij dan zelf wat gij uitdrukt. Gij zijt zijn lof, als gij goed leeft. Zijn lofzang is te vinden, niet in heidense dwaasheden, niet in ketterse dwaalleren, niet in theaters waar bijval wordt geoogst. Zoekt gij waar hij te vinden is? Let op uzelf, weest het zelf: "Zijn lof weerklinke temidden der vromen". Vraagt gij aan welke vreugdebron gij uw zang moet putten? "Laat Israël juichen in Hem, zijn Maker". En Israël vond geen vreugdebron buiten God.