Home

16 maart  Geloofsbelijdenis




Wij geloven "in Jezus Christus, onze Heer, geboren van de heilige Geest uit de maagd Maria". Ja, ook Maria zelf heeft door te geloven Hem ontvangen, die zij door te geloven heeft gebaard. Want, nadat haar een zoon was beloofd, en zij had gevraagd hoe dat zou geschieden omdat zij geen man bekende, kreeg zij van de engel ten antwoord: "De heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen; daarom ook zal wat ter wereld wordt gebracht heilig genoemd worden, Zoon van God". Toen de engel dit had gezegd antwoordde zij vol gelovige overgave, terwijl zij Christus eerder ontving in haar geest dan in haar schoot: "Zie de dienstmaagd des Heren, mij geschiede naar uw woord". Geschiede, zo zegt zij, in de maagd het ontvangen zonder medewerking van de man; moge van de heilige Geest en de ongerepte vrouw Hij worden geboren, in wie de ongerepte Kerk door de heilige Geest zal worden herboren. Laat het Heilige dat zal worden geboren uit een mens als moeder zonder een mens als vader, Zoon van God genoemd worden; want Hij die van God de Vader is geboren zonder moeder, moest op wonderbare wijze Mensenzoon worden. Wonderbaarlijk zijn deze dingen, omdat zij goddelijk zijn; onuitsprekelijk zijn ze, omdat zij ondoorgrondelijk zijn: de mond van een mens vermag ze niet uit te leggen, omdat de geest van een mens ze niet vermag te doorgronden. Maria heeft geloofd en wat zij heeft geloofd is in haar geschied. Laten ook wij geloven opdat ook ons heilzaam mag zijn wat toen is geschied. Hoe wonderbaar deze geboorte ook moge zijn: bedenk dan toch, mens, wat uw God voor u, wat de Schepper voor zijn schepsel heeft ondernomen: dat God, die blijft in God, eeuwig levend met de Eeuwige, als Zoon gelijk aan de Vader, het niet beneden zich heeft geacht, voor schuldige en zondige dienaren de gestalte van een dienaar aan te nemen. Dit is helemaal niet te danken aan de verdiensten van mensen. Want voor onze ongerechtigheden verdienden wij veeleer straf; maar als Hij op de ongerechtigheden had gelet, wie zou dan stand hebben gehouden? Voor slechte en zondige dienaren is de Heer dus mens geworden; Hij heeft het niet beneden zich geacht voor hen geboren te worden van de heilige Geest en de maagd Maria.