Home

29 april  Paasmysterie: Mysterie van bevrijding




Hippo, Paasmaandag ca het jaar 412

Toen de Handelingen van de Apostelen werden voorgelezen, hebt gij daar reeds gehoord, hoe zij, die waren samengekomen, zich erover verwonderden dat de apostelen en zij, die met hen waren, bezield en onderwezen door de heilige Geest die zij hadden ontvangen, de talen spraken van alle volkeren, talen die zij niet hadden geleerd. Toen zij verbaasd stonden over dit wonder, nam de apostel Petrus het woord en legde hun uit, dat zij wel in onwetendheid dit kwaad hadden gedaan, dat zij de Heer hadden gedood; maar God had aldus zijn plan volvoerd, dat onschuldig bloed zou worden vergoten voor de hele wereld en zo de zonden van alle gelovigen zouden worden gedelgd. Hij immers, in wie geen zonde kon worden gevonden, is gestorven. Wij allen waren schuldenaren, omdat allen met de erfschuld worden geboren. Toen is het bloed zonder zonde vergoten en dat bevrijdde ons van de schuldenlast van de zonde. Zij nu, die geloofden toen Petrus sprak, werden diep getroffen en zeiden, volgens de Handelingen van de Apostelen: "Wat moeten wij doen, broeders? Zegt het ons." Zij verloren immers alle hoop, dat hun een zo afschuwelijke daad kon vergeven worden. Petrus gaf hun ten antwoord: "Bekeert u en ieder van u late zich dopen in de naam van onze Heer Jezus Christus, en uw zonden worden vergeven". Welke zonden? Alle. In hoever alle? Ook die geweldige, dat gij Christus hebt gedood. Hebt gij immers iets misdadigers kunnen doen dan uw Schepper die voor u is geschapen te doden?