Home

17 oktober  God en zijn tempel




Gehouden op kerkwijding

De inwijding van dit huis van gebed wordt door deze gemeenschap vandaag plechtig gevierd. Het huis dus waar wij allen samen bidden, is dit hier, maar het huis van God zijn wij zelf. Als wij zelf dus Gods huis zijn, dan worden wij in deze tijd opgericht, om op het einde van de tijd plechtig te worden ingewijd. Een gebouw, ja een bouwwerk, vergt arbeid, een inwijding geeft vreugde. Wat hier ter plaatse gebeurde toen dat alles oprees, dat gebeurt nu als zij, die geloven, in Christus samenkomen. Want door te geloven worden zij in zekere zin als hout en stenen van bossen en bergen weggehaald; als zij dan worden onderwezen, gedoopt en gevormd in de leer, gaan zij als het ware door de handen van ambachtslieden en kunstenaars om gebouwen, gericht en gepolijst te worden. Toch maken zij alleen het huis van de Heer uit, als zij met elkaar één worden in liefde. Als die balken en stenen niet volgens vaste regels onderling verbonden zouden zijn, als zij niet ordelijk in elkaar zouden overgaan, als zij onderling niet zouden samengaan en om zo te zeggen voor elkaar zouden voelen, dan zou niemand hier durven binnengaan. Als gij tenslotte ziet, dat in een gebouw stenen en hout goed met elkaar verbonden zijn, dan gaat gij gerust binnen, zonder bang te zijn voor instorting. Christus onze Heer, zei dan ook, toen Hij in ons als in een tempel die Hij zich bouwde, wilde binnengaan om er te wonen: "Een nieuw gebod geef Ik u: gij moet elkaar liefhebben!" "Een gebod" zegt onze Heer, "geef Ik u". Gij waart oud en gij maakte nog geen gebouw uit voor Mij; gij laagt daar als vervallen neer. Hebt dus elkander lief om u op te richten uit uw oude, vervallen staat. Gij moet eens zien hoe aan dat huis, zoals voorzegd is en beloofd, over de gehele aarde nog wordt gebouwd, Toen men immers na de ballingschap aan dat huis bouwde, werd er gejuicht: "Zingt voor de Heer een nieuw gezang, zingt voor de Heer heel de aarde". Wat de psalmzanger daar "een nieuw gezang" noemt, dat noemt de Heer hier "een nieuw gebod". Waarvan anders immers is er sprake in een nieuw gezang, dan van een nieuwe liefde? Zingen is een uiting van liefde. Het geluid van deze zanger getuigt van het vuur van zijn heilige liefde.