Home

17 januari  Op zoek naar de ware wijsheid




O, hoe brandde ik, mijn God, hoe brandde ik, om weg te vliegen van het aardse en terug te keren naar U en ik wist niet wat Gij met mij voor had, want "bij U is de wijsheid". In die tijd - Gij weet het, licht van mijn hart - waren deze woorden van de apostel mij nog niet bekend: "Ziet toe dat niemand u bedriegt met filosofie - volgens de overlevering der mensen, niet volgens Christus; - want in Hem woont de gehele volheid van de godheid lichamelijk". Ik vond toch daarom alleen al in de aansporing van Cicero's boek behagen omdat ik door de lezing ervan werd opgewekt en aangevuurd, niet om deze of die school maar om de wijsheid zelf, hoe die dan ook mocht zijn, te beminnen, te zoeken, vast te houden en met kracht te omhelzen. Toch remde mij dit ene in mijn laaiende geestdrift, dat de naam van Christus er niet in voorkwam. Want deze naam, de naam van mijn Verlosser, uw Zoon, had "naar uw barmhartigheid., Heer", mijn jonge hart al met eerbied ingedronken met de moedermelk en het bewaarde die naam in zijn binnenste. Geen enkel geschrift, dat deze naam miste, hoe geleerd ook, taalkundig verzorgd en waarheidsgetrouw, kon mij ten volle bevredigen. Daarom besloot ik dan mijn aandacht te gaan wijden aan de heilige Schrift en te zien welke boeken dat waren. En zie, daar sta ik voor iets dat niet duidelijk is voor de hovaardigen en niet toegankelijk voor de kleinen, maar dat laag is bij het binnentreden, hoog bij het voortgaan en gehuld is in geheimen. Ik was niet iemand die daar kon binnengaan of die mijn hoofd kon buigen bij het opgaan van de treden. Want toen ik mijn aandacht vestigde op de Schrift, dacht ik er niet over zoals ik nu spreek. Toch was zij het die zou groeien met de kleinen. Doch ik achtte het beneden mij klein te zijn, en opgeblazen van hoogmoed kwam ik mijzelf groot voor.