Hippo, dinsdag of woensdag na Pasen na het jaar 400
Vanwaar hebben wij het leven, vanwaar heeft Christus de dood? Richt eens uw aandacht op Hem: "In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God". Zoek nu daar eens de dood. Waar is de dood? Vanwaar komt hij? Hoe komt hij? Het Woord was, Het Woord was bij God, het Woord was God. Als gij daar vlees en bloed vindt, vindt gij er ook de dood. Vanwaar zou voor dat Woord de dood kunnen komen? Voor ons echter, die mensen zijn op aarde, die sterfelijk, vergankelijk en zondig zijn, vanwaar komt voor ons het leven? In Hem was er niets dat Hem de dood kon brengen; in ons was er niets dat ons het leven kon brengen; Hij heeft de dood aanvaard die ons eigen was, om ons het leven te schenken dat Hem eigen was. Hoe heeft Hij de dood, die ons eigen was, aanvaard? "Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond". Zo heeft Hij hier van ons aangenomen wat Hij voor ons zou aanbieden. Vanwaar hebben wij dan het leven? "En dat leven was het licht der mensen". Hij was voor ons het leven, wij waren voor Hem de dood. Maar welke dood? Een dood die Hij vrijwillig aanvaardde, niet één die in zijn aard lag. Omdat Hij het niet beneden zich achtte, omdat Hij het wilde, omdat Hij medelijden had met ons: daarom is Hij uit eigen macht gestorven, volgens zijn woorden: "Macht heb Ik om mijn leven te geven en macht om het terug te nemen". Dit wist Petrus niet, toen hij de Heer over zijn dood hoorde spreken en bang werd. De Heer had echter reeds gezegd, dat Hij zou sterven en de derde dag zou verrijzen. Wat Hij voorspelde, is gebeurd, maar zij die het hadden gehoord, geloofden er niet in. "Met dit al is het reeds de derde dag sinds die dingen gebeurd zijn; en wij leefden in de hoop dat Hij degene zou zijn die Israël ging verlossen". Had gij dit gehoopt en wanhoopt gij nu? Is uw hoop dan vervlogen? Hij echter, die onderweg is met u, beurt u weer op. Zij waren zijn leerlingen, zij hadden naar Hem geluisterd, zij hadden met Hem geleefd, zij hadden hem erkend als hun Meester, zij waren door Hem onderricht, en zij konden het geloof van de misdadiger, met Hem opgehangen aan een kruis, niet navolgen en delen!