Home

7 maart  Begin van de vasten

Vasten ter wille van Pasen




Vandaag gaan wij de veertigdagentijd in. Jaarlijks wordt ons opnieuw het onderhouden ervan voorgehouden; en daarom zijn wij u ook onze jaarlijkse aansporing verschuldigd. Zo moge het woord Gods, waarvan wij ambtshalve bedienaars zijn, uw geest voeden terwijl gij lichamelijk zult vasten. Aldus wordt dan de mens naar het innerlijk met aangepaste spijs versterkt, om naar het uiterlijk versterving te kunnen doen en om ze met meer weerstand te kunnen verdragen. Het komt immers overeen met onze toewijding dat wij, die het naderend lijden van onze gekruisigde Heer zullen vieren, zelf ook voor ons een kruis maken om de lichamelijke lusten te onderdrukken, volgens het woord van de apostel: "Zij die de Heer Jezus toebehoren, hebben het vlees gekruisigd met zijn hartstochten en begeerten", Ja, aan dit kruis moet de christen zijn hele leven lang, dat te midden van bekoringen wordt doorgebracht, voortdurend blijven hangen. Want in dit leven is het de tijd niet om de nagels uit te rukken, waarover de psalm spreekt: "Hecht mijn vlees met nagels vast uit vrees voor U". Het "vlees", dat zijn de zinnelijke begeerten; de "nagels " dat zijn de gerechtvaardigde voorschriften; met deze nagels worden die begeerten vastgehecht door de vreze des Heren, die ons voor Hem als een aangename offerande kruisigt. Vandaar dat de apostel ook zegt: "Nu smeek ik u bij Gods erbarming: wijdt uzelf aan Hem toe als een levende, heilige offergave die Hij kan aanvaarden". Dat is dus het kruis, waarin voor Gods dienaar niet alleen geen schande ligt, maar waarop hij zelfs roemt met deze woorden: "Mij moge God ervoor bewaren op iets anders te roemen dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus, waardoor de wereld voor mij gekruisigd is en ik voor de wereld". Dat kruis is er geen van veertig dagen maar van dit hele leven, dat door het geheimvol getal van die veertig dagen tot uitdrukking wordt gebracht, vanwaar dan ook Mozes, Elia en de Heer zelf veertig dagen hebben gevast. Het was om ons te verstaan te geven, dat het doel, beoogd door Mozes, door Elia en door Christus, - te weten: door de wet, de Profeten en het evangelie, - erin bestaat, dat wij ons niet aanpassen en hechten aan deze wereld, maar dat wij de oude mens moeten kruisigen. "Laten wij ons dus bekleden met de Heer Jezus en geen zondige begeerten meer koesteren". Christen, leef hier altijd als volgt: als gij niet wilt wegzinken in ‘s werelds slijk, ga dan niet af van het kruis. Als dit geldt voor het hele leven, hoeveel te meer voor het tijdsbestek van die veertig dagen, dat niet een deel uitmaakt, maar dat een teken is van dit leven?